Bijlage de atheïstische wetenschapsbril

Bij de inspectie van de atheïstische wetenschapsbril (3.b.) las ik wat er op de gebruiksaanwijzing van die bril staat:

  • er bestaat niets anders dan materie;
  • het immateriële bestaat niet (dus ook geen goden);
  • al het materiële is verklaarbaar met oorzaak en gevolg.

De atheïstische wetenschapsbril is sinds een aantal decennia verplicht. Natuurwetenschappers moeten alle natuurverschijnselen verklaren zonder schepper.

De atheïstische bril heeft flinke oogkleppen. Als je een schepper altijd buiten beeld houdt, dan blijft er nog maar één verklaring over; dan moet alles wel vanzelf ontstaan. Dan word je gedwongen om het ontstaan van alles te verklaren met natuurwetten en toeval. Of iets vanzelf ontstond is dan geen vraag meer. De enige vraag is dan nog: hoe?

De atheïstische wetenschapsbril heeft enorme oogkleppen.
Alles is materie en een schepper bestaat niet.
Dan moet alles wel vanzelf ontstaan.

De atheïstische bril gaat ervan uit dat er alleen maar materie is. Als God niet bestaat, is er alleen materie. Materie heeft alles gemaakt. Wij zijn enkel materie. De atheïstische wetenschapsbril ontkent het bestaan van allerlei immateriële werkelijkheden, zoals ons bewustzijn, onze persoonlijkheid, onze waarden, onze doelen en onze liefde.

De atheïstische bril sluit de ogen voor al het immateriële en maakt zienden blind. Toch zijn de immateriële dingen in ons leven belangrijker dan de materiële. De twintigste eeuw heeft pijnlijk duidelijk gemaakt hoe levensgevaarlijk het is als politieke leiders de waarde van een mensenleven en andere waarden als liefde, vrede, vrijheid en geluk niet meer zien. Vladimir Lenin, Jozef Stalin en Mao Zedong vermoordden meer dan 100 miljoen mensen en onderdrukten een veelvoud daarvan. Ze probeerden alle religies uit te roeien en iedereen hun atheïstische materialisme op te leggen.

In de wetenschap speelt het atheïsme ook de baas. De atheïstische wetenschapsbril dwingt wetenschappers om de grootste wonderen in onze natuur met ongeloofwaardig klein toeval te verklaren, terwijl toeval helemaal niets verklaart. Atheïsten moeten zich wel vastklampen aan dat toeval om het bestaan van een schepper te ontkennen. Atheïsten hebben een onvoorstelbaar groot geloof in dat toeval.

De schepper is overal te zien, maar atheïsten willen hem niet zien. Iedereen moet hun bril dragen en zijn mond houden. De intelligent ontwerp beweging verweert zich tegen de atheïstische wetenschapsbril. Een groeiend aantal wetenschappers laat steeds meer sporen zien van een schepper in de natuur. Vooraanstaande wetenschappers danken de atheïstische wetenschapsbril af. Zoveel onmogelijk toeval is niet langer geloofwaardig.

Atheïsten verbieden het spreken over een schepper.
Toch spreekt de schepping luid en duidelijk.
Zonder woorden.

Geschiedenis van de atheïstische wetenschapsbril

Het is belangrijk om te weten wanneer de atheïstische wetenschapsbril uitgevonden is en verplicht gesteld werd. Daarom vertel ik een stukje geschiedenis.

Eeuwen voor het begin van onze jaartelling discussiëren wetenschappers al over de vraag of er een schepper bestaat. Griekse filosofen als Plato (427-347) en de Stoïcijnen argumenteren dat er een ambachtsman, een kunstenaar (de ‘demiurg’) moet bestaan, een intelligentie (de ‘nous’) die alles doelgericht gemaakt heeft[1]. Een eikel groeit naar zijn doel (een eikenboom) omdat een scheppende intelligentie eikels voor dat doel gemaakt heeft.

Andere filosofen als Democritus (460-370) en de atomisten beweren al dat er alleen maar materie bestaat. Er is geen schepper. Alles is vanzelf ontstaan. Alles in onze mechanische werkelijkheid is te verklaren met materiële oorzaken[2]. De wetenschappelijke discussie over het bestaan van een schepper is zo oud als de weg naar Rome.

De discussie over een schepper is eeuwenoud.
Net zo oud als de wetenschap zelf.

In de Middeleeuwen bloedt het materialisme in het Westen zo goed als dood, omdat bijna alle intellectuelen in God geloven[3]. De Westerse wetenschap schiet de grond uit. Uit kerkscholen en kloosterscholen groeien tal van vrije, zelfstandige universiteiten die zich vooral verdiepen in de godgeleerdheid, kunst, recht en medicijnen: Bologna (Italië 1088), Oxford (1096), Parijs (1150), Palencia (Spanje 1208), Praag (1348), Wenen (1365), Heidelberg (1368), enzovoort[4].

Toch betekent de bloei van christelijke wetenschap niet dat wetenschappers alles in onze werkelijkheid met God verklaren. Het tegenovergestelde is juist het geval. Wetenschappers maken duidelijk onderscheid tussen primaire en secundaire oorzaken[5].

De meest invloedrijke wetenschapper uit de Middeleeuwen, de Italiaanse filosoof en theoloog Thomas van Aquino (1225-1274), ziet God als de primaire oorzaak achter heel de geschapen werkelijkheid, net als de Griekse filosofen[6]. God maakte materie, natuurwetten, hemellichamen, planten, mensen, dieren en natuurlijke kringlopen.

De geschapen werkelijkheid functioneert zelfstandig. Geschapen werkelijkheden vormen op hun beurt secundaire oorzaken van natuurverschijnselen. God maakte de kastanjeboom (primaire oorzaak) en de kastanjeboom kan zichzelf voortplanten (secundaire oorzaak). God maakte natuurlijke kringlopen (primaire oorzaak) en die kringlopen blijven zelfstandig voedsel, water en zuurstof aanvoeren (secundaire oorzaken).

Middeleeuwse wetenschappers herkennen God heel duidelijk in de natuur als eerste oorzaak van alle dingen, maar sporen elkaar tegelijkertijd aan om natuurlijke verschijnselen zoveel mogelijk te verklaren zonder God. Hoe iets werkt, moet je zoveel mogelijk verklaren met secundaire oorzaken (natuurwetten); niet met primaire oorzaken (God)[7].

De overtuiging dat God alles gemaakt heeft en dat zijn natuurwetten alles zelfstandig laten functioneren, zorgt voor enorme bloei van de westerse wetenschap. Grote namen – zoals Nicolaas Copernicus, Galileo Galilei, Johannes Kepler, Robert Boyle, Isaac Newton, André-Marie Ampère, Michael Faraday, Gregor Mendel, Louis Pasteur, Lord Kelvin (William Thomson) en Werner Heisenberg – zoeken en vinden allerlei natuurwetten in de schepping en tillen de wetenschap naar een hoger niveau.

Christenen verklaren zo min mogelijk met God.
Maar niet alles laat zich verklaren zonder God.

Pas in de achttiende eeuw krabbelt het materialistische atheïstisme in het Westen weer een beetje op, door filosofen als Paul Henri Thiry d’Holbach (1723-1789) en Julien La Mettrie (1709-1751). D’Holbach gelooft dat er niets anders dan materie bestaat; net als sommige oude Griekse filosofen. Alle bewegingen in de natuur – inclusief ons denken en handelen – volgen de natuurlijke wetten van oorzaak en gevolg[8]. Julien La Mettrie beweert dat de mens niet meer is dan een ingewikkelde machine[9].

Als Charles Darwin in 1859 zijn boek over de evolutietheorie publiceert, krijgt het materialisme meer aanhangers. Darwin beweert dat alle levensvormen vanzelf en geleidelijk ontwikkeld zijn uit kleine, eencellige en eenvoudige levensvormen door toevallige erfelijke afwijkingen. Natuurlijke omstandigheden selecteerden de geschiktste kandidaten.

Veel christenen hebben geen problemen met de evolutietheorie. Misschien heeft God het eerste leven zo gemaakt dat het zichzelf doelgericht ontwikkelt als een secundaire oorzaak.

Darwin gelooft zelf bovendien dat leven vanzelf kan ontstaan uit levenloze materie, maar daar schrijft hij in zijn boeken niet over, omdat hij vindt dat daar nog te weinig bewijs voor is[10]. In 1924 komt Aleksandr Oparin met een theorie dat het eerste leven op aarde vanzelf ontstaan is door geleidelijke chemische processen in de oceanen[11].

In andere takken van wetenschap beginnen wetenschappers ook allerlei materialistische verklaringen aan te dragen. Het geloof dat alles vanzelf ontstaat, krijgt heel geleidelijk steeds meer aanhangers; zowel in de maatschappij als in de wetenschap. Langzaamaan ontstaat een wetenschappelijk klimaat waarin spreken over een schepper op steeds meer weerstand stuit[12].

De opmars van het materialisme lijkt onstuitbaar.
Alles lijkt vanzelf te ontstaan.

In de eerste helft van de twintigste eeuw formuleren wetenschappers het naturalisme. Dat is een nieuwe formulering van de oude Griekse filosofie dat er niets anders bestaat dan materie. Naturalisten vinden dat wetenschappers alles moeten verklaren met materiële oorzaken[13].

In 1983 onderscheidt de Amerikaanse filosoof Paul de Vries het ‘metafysisch naturalisme’ en het ‘methodologisch naturalisme’. Het metafysisch naturalisme gelooft daadwerkelijk dat er alleen maar materie bestaat.

Het methodologisch naturalisme schrijft wetenschappers voor om alles met materiële oorzaken te verklaren, ook de wetenschappers die in een schepper geloven[14]. Het methodologisch naturalisme is een wetenschappelijke methode – een bril – om naar de werkelijkheid te kijken en de werkelijkheid te verklaren. Die bril houdt een schepper altijd buiten beeld.

Een meerderheid van natuurwetenschappers verplicht alle natuurwetenschappers dat ze de naturalistische bril moeten gebruiken en alles moeten verklaren met materiële oorzaken; zonder schepper.

De atheïstische wetenschapsbril wordt verplicht.
Naturalisme wordt de nieuwe bril.
Er is niets anders dan materie.

Veel christelijke wetenschappers hebben niet eens zo veel moeite met die atheïstische wetenschapsbril, omdat ze al eeuwenlang gewend zijn om allerlei natuurverschijnselen met secundaire oorzaken te verklaren en niet met een schepper. Ze blijven doen wat ze altijd deden.

Sommige christelijke wetenschappers gaan zelfs zo ver met het naturalisme mee dat ze geloven dat alles vanzelf ontstaan is, behalve de Big Bang. Die heeft God zo zorgvuldig afgestemd met natuurwetten en natuurconstanten dat alles vervolgens vanzelf zou ontstaan; atomen, hemellichamen, chemische reacties, leven, diversiteit van leven en uiteindelijk de mens. Al die ontwikkelingen lijken toevallig, maar God wist van tevoren tot in detail hoe alles zich zou ontwikkelen[15].

Toch kunnen christenen niet voor de volle honderd procent met het naturalisme meegaan. Als alles vanzelf ontstaat en God heeft helemaal niets gemaakt, dan is hij geen schepper meer, maar toeschouwer. En als er alleen maar materie bestaat, kan God niet bestaan.

Sommige christenen gaan ver mee met het naturalisme.
Wie helemaal meeloopt, houdt geen geloof meer over.
Het naturalisme gelooft dat God niet bestaat.

De verplichte naturalistische bril heeft consequenties die velen niet zien. Kijk maar eens goed naar deze twee brillen:

  1. De atheïstische wetenschapsbril (het naturalisme) laat alleen maar materie zien. Alles in onze werkelijkheid is materie en moet verklaard worden met materiële oorzaken.
  2. De theïstische wetenschapsbril laat ook dingen zien die zich niet laten verklaren met materiële oorzaken (secundaire oorzaken), maar die een schepper onthullen (de primaire oorzaak). Denk bijvoorbeeld aan atomen, natuurwetten, natuurconstanten, natuurlijke kringlopen, leven, software in ons DNA, zelfbewustzijn, vrijheid en liefde.

De verplichte atheïstische wetenschapsbril is bedoeld om de theïstische wetenschapsbril te vervangen en het spreken over een schepper in de wetenschap definitief te verbieden. De atheïstische wetenschapsbril verplicht wetenschappers om het atheïstische wereldbeeld zonder schepper te gebruiken om alles te verklaren en verbiedt wetenschappers om nog over een schepper te praten.

De Nederlandse atheïst en filosoof Herman Philipse gaat dat nog niet ver genoeg. In 1996 doet hij nog meer voorstellen om het spreken over een schepper op universiteiten te verbieden. Hij vraagt de minister van onderwijs om christelijke universiteiten te dwingen hun christelijke identiteit af te zweren en vraagt om theologie op universiteiten te verbieden[16]. Zijn plan mislukt.

Atheïstische wetenschappers willen geen discussie over God.
Het naturalisme verbiedt het praten over God.
Alles is materie.
Punt uit.

De theïstische wetenschapsbril laat ook natuurverschijnselen in onze werkelijkheid zien die zich niet met natuurwetten of met toeval laten verklaren. De vuurwerkbril laat dat goed zien: de natuurconstanten van allerlei natuurwetten in ons heelal zijn bizar precies afgesteld om leven mogelijk te maken in het heelal.

Theïstische wetenschappers vinden het toeval of de speculatieve theorie van het multiversum geen goede wetenschappelijke verklaringen. Het is veel wetenschappelijker om achter de natuurwetten en de precies afgestelde natuurconstanten een intelligentie te zoeken, omdat we weten dat alleen intelligentie in staat is om zulke ingewikkelde natuurwetten voort te brengen en de knoppen van ons heelal zo precies af te stellen.

Lang niet alles laat zich zonder schepper verklaren.

De theïstische wetenschapsbril is niet alleen een bril van Joden, Moslims en christenen, maar ook van andere theïstische wetenschappers die geen religie aanhangen, maar wel de sporen van een schepper zien. Eén van de eerste Griekse filosofen, Thales van Milete (624-545 v.Chr.), verdedigt al het bestaan van een schepper, net als Aristoteles en de Stoïcijnen. Door de eeuwen heen waren er altijd wetenschappers die geen religie aanhingen, maar wel overtuigend bewijs voor een schepper zagen[17].

Wetenschappers die sporen van een schepper zien, staan sinds een aantal decennia bekend als de ‘Intelligent Ontwerp’ (of ‘Intelligent Design’) beweging. Die term herinnert aan de oude Griekse filosofen die al een bovennatuurlijke intelligentie zagen (de ‘nous’) en een ontwerpende ambachtsman of kunstenaar (de ‘demiurg’). Sommige wetenschappers beweren dat wetenschappers die Intelligent Ontwerp aanhangen geen echte wetenschappers zijn. Ze weigeren namelijk de atheïstische wetenschapsbril van het naturalisme te dragen.

Veel Intelligent Ontwerp wetenschappers zijn christen, Jood of Moslim, maar er zitten ook niet religieuze wetenschappers tussen die wel een schepper zien, zoals Michael Denton en David Berlinski[18].

Veel wetenschappers zien de schepper heel duidelijk.
Eeuwenlang mochten ze dat zeggen.
Nu niet meer.

Waarom is de atheïstische wetenschapsbril verplicht?

Waarom dwingen wetenschappers hun collega’s om de atheïstische wetenschapsbril te dragen? Waarom moeten alle wetenschappers veronderstellen dat alles te verklaren is met oorzaak en gevolg, dat er niets anders bestaat dan materie en dat er geen goden bestaan? Wetenschappers dragen zes – nogal discutabele – argumenten aan. Ik loop ze langs en noem ook wat kritische tegengeluiden.

  1. Goden zijn niet meer nodig als je alles zonder goden verklaart.
    Als je niet weet hoe iets ontstaat, moet je niet zeggen dat een schepper het gemaakt heeft. Dat is lui. Je moet doorzoeken. Gaten in onze wetenschappelijke kennis moet je niet opvullen met God. Dan maak je hem een ‘god van de gaten’[19]. Zodra die gaten in onze wetenschappelijke kennis ingevuld worden, doordat we ontdekken hoe iets werkt of ontstaat, blijft er geen reden meer over om nog in God te geloven. Zo geloven we niet meer dat de bliksem veroorzaakt wordt door Donar die boven de wolken met strijdhamers gooit. Wetenschappers moeten de atheïstische wetenschapsbril gebruiken, omdat die zo succesvol is. Alles in de natuur blijkt verklaarbaar met oorzaak en gevolg. Alles blijkt vanzelf te ontstaan. Daardoor blijft er steeds minder ruimte over voor God[20].

Als wetenschappers ontdekken hoe de werkelijkheid in elkaar steekt, betekent dat niet dat er steeds minder ruimte voor God overblijft.

Isaac Newton geloofde dat de schepper de planeten om de zon liet draaien. Dat remde hem niet af om te onderzoeken hoe dat precies werkte; integendeel. Juist zijn geloof dat de schepper alles gemaakt heeft en dat hij daarvoor natuurwetten gebruikt, stimuleerde Newton om te zoeken naar die natuurwet.

Toen Newton die natuurwet (F = G x (m1 x m2) / r2) vond[21], dacht hij niet dat zijn verklaring een schepper overbodig gemaakt had; integendeel.  De elegantie, precisie en het ongekende evenwicht waarmee de planeten precies in hun baan blijven, vergrootten juist zijn bewondering voor de wetgever van die natuurwet.

God is geen ‘God van de gaten’ in onze kennis, maar de wetgever van álle natuurverschijnselen; de natuurverschijnselen die we al wel begrijpen en de natuurverschijnselen die we nog niet begrijpen.

Natuurwetten verklaren God niet weg.
Ze beschrijven een stuk intelligentie.
Ze bevestigen juist een intelligente wetgever.

De wetenschap heeft de laatste decennia inderdaad veel ontdekt, maar dat maakt het materialisme helemaal niet succesvol; integendeel. De wetenschap heeft in de laatste decennia veel ontdekt waardoor materialisten steeds meer met een mond vol tanden staan:

  • Het universum en materie bleken niet eeuwig te bestaan. De Big Bang theorie wijst op een begin van materie, ruimte en tijd. Maar hoe kan dat ooit vanzelf ontstaan?
  • De grootste ontploffing ooit – de Big Bang – resulteerde niet in chaos, maar in een heelal waar alles keurig volgens natuurwetten geordend en afgesteld is, zodat er leven mogelijk is. Ontstaan al die natuurwetten zomaar vanzelf en zijn ze zomaar vanzelf zo precies afgesteld?
  • We ontdekken steeds meer van de complexiteit van het leven, ook van het eencellige leven. De bewering dat leven vanzelf kan ontstaan uit levenloze materie wordt steeds ongeloofwaardiger.
  • We ontdekten supercomplex programmeerwerk in het DNA van alle levende wezens. Ontstaat die enorme berg aan complexe software zomaar vanzelf?
  • We ontdekten hoe levende wezens groeien door celdeling uit één cel. Die ene cel bouwt allerlei soorten cellen en materialen, waarmee weefsels en organen samengevoegd worden tot een supercomplex lichaam. Dat ontstaat zomaar vanzelf?

Hoe meer de wetenschap ontdekt, hoe onwaarschijnlijker wordt het geloof dat alles zomaar vanzelf ontstaat. Het materialisme brokkelt juist steeds meer af door nieuwe wetenschappelijke ontdekkingen[22].

Wetenschappers blijven maar nieuwe ontdekkingen doen. Hoe meer we ontdekken, hoe meer we ontdekken dat we nog maar zo weinig weten. Hoe meer intelligentie we in de schepping opgraven, hoe meer aanwijzingen er bovenkomen dat er een intelligente schepper moet bestaan. Er is alleen niemand die dat hardop mag zeggen, want de atheïstische bril verbiedt om een schepper als verklaring aan te dragen.

Het besef groeit: alles kan niet vanzelf ontstaan.
Geloof in het toeval brokkelt steeds meer af[23].

Een schepper aanvoeren voor sommige natuurlijke verschijnselen is overigens geen kwestie van luiheid. Soms is schepping de beste verklaring voor complexiteit die zich niet anders laat verklaren.

  • Complexe, specifieke informatie is altijd afkomstig van intelligentie. Als we in ons DNA 3 miljard tekens ongekend complexe programmeercode ontdekken, is schepping door een intelligente programmeur gewoon de beste verklaring.
  • Het ontstaan van leven is nog veel ingewikkelder dan het ontstaan van een computer. Van computers weten we ook dat die door intelligentie gemaakt worden.
  • Onverwoestbare atomen die allerlei verschillende stoffen kunnen vormen en energie kunnen transporteren, ontstaan ook niet zomaar. Daar is ook heel veel intelligentie voor nodig.

Soms is duidelijk dat natuurwetten alleen niet genoeg zijn om het bestaan van natuurverschijnselen te verklaren. Dan is er heel veel meer nodig; enorm veel intelligentie. Dan is het aanvoeren van een intelligente schepper juist de best beschikbare wetenschappelijke verklaring.

Als wetenschappers met een atheïstische bril natuurverschijnselen aantreffen die niet alleen met natuurwetten te verklaren zijn, grijpen ze telkens terug op toeval. Maar toeval is helemaal geen verklaring. Het is de erkenning dat we geen natuurlijke verklaring kunnen geven. Schepping is een hele logische verklaring, als je tenminste de mogelijkheid wilt erkennen dat er misschien wel een bovennatuurlijke schepper bestaat.

Geloof in een schepper stimuleert juist de wetenschappelijke zoektocht. Wie gelooft dat een intelligente schepper allerlei intelligentie in zijn schepping gelegd heeft, heeft alle reden om op zoek te gaan naar die intelligentie in onze werkelijkheid.

Veel kopstukken uit de wetenschap geloofden rotsvast in een schepper en vonden allerlei natuurwetten: Nicolaas Copernicus, Galileo Galilei, Johannes Kepler, Robert Boyle, Isaac Newton, André-Marie Ampère, Michael Faraday, Gregor Mendel, Louis Pasteur, Lord Kelvin (William Thomson), Werner Heisenberg, enzovoort.

Juist het geloof in een schepper heeft ervoor gezorgd dat de wetenschap in het Westen zo’n enorme vlucht nam. De wetenschap dankt haar bestaansrecht juist aan het geloof in een schepper die heel onze werkelijkheid tot in de kleinste details geordend heeft met universeel geldende natuurwetten. Als we geloven dat onze natuur alleen luistert naar het toeval en niet naar natuurwetten, zouden we de wetenschappelijke zoektocht naar natuurwetten en logische verklaringen direct stoppen.

Wie niet gelooft in een intelligente schepper, moet het bestaan van al die intelligentie op een andere manier verklaren. Zonder schepper verwacht je chaos aan te treffen, geen orde, complexiteit, allerlei onderdelen die samenwerken, schoonheid, efficiëntie, nut en doelgerichtheid. Zonder schepper verwacht je geen elementen in de werkelijkheid aan te treffen die je alleen kunt maken met een uitgekiend plan en veel inspanning.

Het materialisme is helemaal niet succesvol. Het draagt overal toeval aan en noemt dat ongelofelijk kleine toeval een verklaring. Dan kun je beter zeggen dat je geen verklaring hebt.

Schepping is tenminste een verklaring; toeval niet.
Dat we overal intelligentie ontdekken, is niet vreemd.
Intelligentie kan prachtige dingen maken, net als wij.

  1. Wetenschap heeft vooroordelen nodig.
    De materialistische wetenschapsbril zou ook nodig zijn omdat wetenschappers een gemeenschappelijke bril nodig hebben met een gebruiksaanwijzing om de werkelijkheid te bekijken. Die bril is een verzameling niet verifieerbare overtuigingen, waarden en onderzoekstechnieken[24].

Wetenschap onderzoekt onze werkelijkheid op zoek naar waarheid. Als wetenschappers werkelijk op zoek gaan naar waarheid, moeten ze vooroordelen over onze werkelijkheid loslaten. Dan moeten ze het bestaan van een schepper niet bij voorbaat uitsluiten, maar onbevooroordeeld onderzoeken. Dan moeten ze er niet bij voorbaat van uitgaan dat er alleen maar materie bestaat, maar onbevooroordeeld onderzoeken of er ook immateriële dingen bestaan.

Wie waarheid zoekt, moet vooroordelen loslaten.
Vooroordelen werken als oogkleppen op een bril.
Schepping moet je niet uitsluiten, maar onderzoeken.

Wetenschappers hebben helemaal geen gemeenschappelijke bril met vooroordelen over de werkelijkheid nodig. Ieder mens heeft een beeld van de werkelijkheid; een bril waarmee hij de werkelijkheid bekijkt. Dat kan een beeld zijn zonder God, met God, of met veel goden. De overgrote meerderheid van de mensheid draagt een religieuze bril.

De geschiedenis van de wetenschap laat zien dat wetenschap prima kan functioneren zonder een gemeenschappelijke bril. Wetenschap bloeide op in het oude Griekenland, juist vanwege de diversiteit aan wereldbeelden. Juist de concurrentie van verschillende wereldbeelden en de discussie daarover leidt tot een genuanceerd, realistisch en herkenbaar beeld van de werkelijkheid.

Het verheffen van één wereldbeeld tot verplichte wetenschapsbril, betekent het einde van alle discussie. Een gemeenschappelijk wetenschapsbril leidt tot een heel eenzijdig, onrealistisch en onherkenbaar beeld van de werkelijkheid: een tunnelvisie[25]. De atheïstische wetenschapsbril ziet alleen maar materie.

Eén verplichte bril is funest voor de wetenschap.
Daardoor krijgt de wetenschap een tunnelvisie.

  1. Wetenschap moet objectief zijn.
    De atheïstische wetenschapsbril zou ook nodig zijn, omdat de wetenschap objectief moet zijn. Religies zijn subjectieve interpretaties van onze werkelijkheid. Daarom moeten wetenschappers ervan uitgaan dat er geen goden bestaan. Overheden moeten garanderen dat burgers en wetenschappers het recht hebben om te leven en werken zonder religieuze dwang.

Het woord ‘objectief’ kent iedere opticien. Een objectief is een lens of lenzenstelsel van een optisch instrument om een object te bekijken. Je oog heeft een lens, je bril, je fototoestel, een microscoop, enzovoort. Zonder objectief (lens) zie je niet scherp.

Als opticien valt mij direct een denkfout op: wetenschappelijke objectiviteit bestaat helemaal niet. Zoals ieder de werkelijkheid door zijn eigen bril bekijkt, doen wetenschappers dat ook; alleen en samen. Niemand is objectief; wetenschappers ook niet. Iedereen bekijkt de wereld door zijn eigen bril; vanuit zijn eigen wereldbeeld[26].

Je kunt soms zomaar ontdekken dat de bril waarmee je de werkelijkheid altijd al bekeken hebt, helemaal niet klopt. Na een periode van verwarring, leg je je vertrouwde bril opzij, omdat je hebt ontdekt dat een andere bril een veel beter beeld geeft van de werkelijkheid. In de wetenschap gebeurt dat ook. Dat heet een paradigmaverschuiving[27]. We kwamen er bijvoorbeeld achter dat de zon niet om de aarde draait, maar de aarde om de zon.

Niemand kan objectief zijn, wetenschappers ook niet.
Ook wetenschappers veranderen wel eens van bril.

Religies zijn inderdaad subjectieve interpretaties van onze werkelijkheid. Het zijn brillen die een bepaald beeld geven van onze werkelijkheid. Het is verre van objectief als je veronderstelt dat er alleen maar materie bestaat en dat er geen schepper bestaat. Dat is net zo goed een subjectief beeld van onze werkelijkheid; een bril om naar de werkelijkheid te kijken.

Je kunt helemaal niet bewijzen dat er geen schepper bestaat; net zomin als je kunt bewijzen dat kabouters of ufo’s niet bestaan. Je kunt ervan uitgaan dat er geen schepper bestaat, maar dat is een vooroordeel.

Wie beweert dat er geen schepper bestaat, is niet objectief.
Het is een subjectief materialistisch vooroordeel.

Objectieve wetenschap betekent juist:

  • dat je eigen vooroordelen over de werkelijkheid niet aan anderen oplegt (bijvoorbeeld dat er alleen maar materie bestaat en geen goden);
  • dat je erkent dat je eigen bril, waarmee je de werkelijkheid bekijkt, ook subjectief is;
  • dat je bereid bent om je eigen vooroordelen over de werkelijkheid ter discussie te stellen om samen met anderen naar waarheid over de werkelijkheid te zoeken;
  • dat je de werkelijkheid niet aanpast aan je vooroordelen, maar je vooroordelen aan de werkelijkheid;
  • dat je juist respect toont voor andere visies op de werkelijkheid en bereid bent daarnaar te luisteren;
  • dat je accepteert dat er vaak meerdere verklaringen mogelijk zijn, afhankelijk van de bril die je kiest en het gewicht dat je aan argumenten toekent[28].

Een voorbeeld maakt dat wat duidelijker. Dat de Big Bang een geordend heelal voortbracht vol natuurwetten die precies goed afgestemd zijn om leven mogelijk te maken, kun je bijvoorbeeld verklaren met:

  • puur toeval;
  • een multiversum (misschien bestaan er wel heel veel verschillende universums; dan moet er wel één tussen zitten waar leven mogelijk is: ons universum);
  • noodzaak (het heelal moet wel toevallig ontstaan zijn, anders waren we hier niet);

Het is niet objectief om te veronderstellen dat er alleen maar materie bestaat en geen goden. Het is nog minder objectief om op basis van die vooroordelen schepping uit te sluiten. Als iedereen bereid is om de eigen bril even af te zetten en ook door andere brillen te kijken, kun je samen argumenten uitwisselen en bediscussiëren.

Dan ontdek je bijvoorbeeld de bezwaren tegen de theorie van het multiversum, want:

  • niemand heeft ooit een ander universum waargenomen;
  • niemand heeft ooit een universum generator waargenomen die universums produceert waarin telkens andere natuurwetten gelden.

Waarom mogen wetenschappers dan wel een puur speculatieve theorie aandragen om het grenzeloze geloof in het toeval overeind te houden en mogen gelovigen de meest voor de hand liggende verklaring – schepping – niet eens noemen[29]?

Discussie is nodig om te ontdekken of verklaringen kunnen standhouden. Andersdenkenden zijn juist nodig om verklaringen te toetsen. Vooral de argumenten zijn leerzaam en het gewicht dat mensen aan sommige argumenten toekennen. Je leert veel meer van meerdere visies, bijbehorende argumenten en hun waardering dan van een eenzijdig vooroordeel. Meerdere brillen leiden tot een genuanceerd, realistisch en herkenbaar beeld van de werkelijkheid.

Objectieve wetenschap legt anderen geen vooroordelen op.
Waarheidszoekers stellen eigen vooroordelen ter discussie.
Objectieve wetenschap houdt meer verklaringen mogelijk.

Je kunt gaan twijfelen hoe objectief en geloofwaardig de wetenschap nog is, als wetenschappers alles door de atheïstische bril moeten bekijken en nooit mogen schrijven over het immateriële of over een schepper.

Zoals Darwin het ontstaan van nieuwe diersoorten met toeval en natuurlijke selectie verklaarde, worden wetenschappers gedwongen om de grootste wonderen uit de natuur met toeval te verklaren:

  • Alle atomen die maar blijven draaien en telkens weer andere stoffen vormen, moeten toevallig uit het niets ontstaan zijn en toevallig een universum gevormd hebben[30].
  • Alle natuurwetten die overal op allerlei manieren orde in de chaos scheppen en ongekende intelligentie onthullen, moeten ontstaan zijn door stom toeval uit het niets[31].
  • Wetenschappers fantaseren dat er in zwarte gaten in het heelal misschien wel heel veel nieuwe universums ontstaan; uiteraard vanzelf. In al die universums stelt het toeval de natuurwetten anders af. De beste universums – zoals ons universum, waar leven mogelijk is – overleven; de rest sterft uit[32].
  • De grootste ontploffing ooit – de Big Bang – vernietigde niets, maar bouwde door puur toeval een keurig geordend heelal[33].
  • De natuurlijke kringlopen op aarde kwamen toevallig op gang. Toevallig blijven ze maar draaien en eindeloze hoeveelheden levensbehoeften aandragen.
  • Levenloze materie moet toevallig tot leven zijn gekomen[34].
  • De levende cel – die volledig geautomatiseerd en gerobotiseerd functioneert – moet vanzelf ontstaan zijn[35].
  • De software in het DNA van elk levend wezen werkt als besturingssoftware en bevat een bouwplan voor nakomelingen. Die software is niet geprogrammeerd, maar moet vanzelf ontstaan zijn[36].
  • De bouwtechniek waarmee een levende cel door celdeling allerlei bouwmaterialen maakt om daarmee op het juiste moment en de juiste plaats weefsels, organen en een levend wezen te bouwen, moet toevallig ontstaan zijn.
  • Alle ongeëvenaarde techniek in levende wezens – zoals de staartmotor van een bacterie, de navigatie van een duif en de gedaanteverandering van een vlinder – moet wel door blind toeval ontstaan zijn[37].
  • Ons lichaam waarin tal van geavanceerde systemen samenwerken om zelfbewustzijn, leven, liefde en geluk mogelijk te maken moet wel voortkomen uit een aaneenschakeling van toeval[38].

Het samenspel van al die wonderen uit de natuur is volgens de wetenschap met haar atheïstische wetenschapsbril één grote opeenstapeling van toeval. Als je een schepper buiten beeld houdt, moet je alles wel verklaren met toeval.

De ‘objectieve’ atheïstische bril sluit een schepper uit.
Dat verbod op God dwingt tot geloof in het lot.

De zogenaamde ‘objectieve’ atheïstische bril wordt nóg minder objectief als je bekijkt hoe ongelofelijk onwaarschijnlijk het toeval is waar materialisten in geloven. Van een aantal toevalligheden is uitgerekend hoe onwaarschijnlijk klein dat toeval is[39]:

  • De kans dat één robotje in een levende cel ontstaat door louter toeval is 1 op de 10(63) (dat is een getal met een 1 en 64 nullen). Een levende cel heeft heel veel soorten robotjes nodig[40].
  • De kans dat programmeertekens in het DNA toevallig een gewenste volgorde aannemen, is ontzettend klein. Hoe langer de programmeercode, hoe kleiner de kans. Als je nagaat dat ons DNA 3 miljard tekens lang is, zijn de kansen niet meer in getallen uit te drukken[41].

Hoe groot schat je de kans dat materie uit het niets ontstaat? En hoe groot zou de kans zijn dat natuurwetten zomaar ontstaan? En natuurlijke kringlopen?  En leven uit levenloze materie? Sommige toevalligheden moeten ook nog eens heel vaak gebeuren om uiteindelijk menselijk leven op aarde mogelijk te maken.

Als je al die kansen met elkaar vermenigvuldigt, bereken je de uiteindelijke kans dat alles door toeval ontstaan is. Die kans wordt zo klein dat de uitkomst door de enorme reeks nullen niet meer op één bladzijde zou passen. Zó waanzinnig klein is de kans dat alles door toeval ontstaan is.

Die kansberekeningen kun je nog eens omdraaien ook. Als de kans dat iets toevallig ontstaat, 0,000.000.000.000.000.000.001 procent is, dan is de kans dat het niet toevallig ontstaat 99,999.999.999.999.999.999 procent. Materialisten moeten wel een onmetelijk groot geloof in het toeval hebben[42].

Er is toch niemand die dat gelooft?
Daar moet je wetenschapper voor zijn.
Met een ‘objectieve’ atheïstische bril op.

De ‘objectieve’ atheïstische wetenschapsbril veronderstelt dat er alleen materie bestaat en geen goden. Filosofen vinden dat hele riskante uitspraken:

  • Slechts één natuurverschijnsel dat het beste verklaard kan worden met schepping, is genoeg om de stelling onderuit te halen dat het bovennatuurlijke niet bestaat.
  • Slechts één voorbeeld dat er een immateriële werkelijkheid bestaat, haalt de stelling onderuit dat er alleen maar materie bestaat.

Als wetenschappelijke kennis een immateriële werkelijkheid is, kan het materialisme de prullenbak in. Als de herkomst van zoveel ongekend ingewikkelde informatie in DNA het beste te verklaren is met een schepper, kan het materialisme niet waar zijn.

Wetenschappers die al decennialang tevergeefs op een teken van intelligent leven uit het heelal wachten, zouden een gat in de lucht springen als ze ook maar een paar tekens zouden waarnemen. Maar andere wetenschappers, die 3 miljard tekens ingewikkelde programmeercode ontdekt hebben in ons DNA, ontkennen dat het van een intelligentie afkomstig is.

Door allerlei brillen over de natuur heb je gezien dat onze werkelijkheid in alle hoeken en gaten verraadt dat er een schepper moet zijn. Overal waar je kijkt, zie je orde, onderdelen die samenwerken, schoonheid, doelgerichtheid, efficiëntie, nut en onvoorstelbare complexiteit. Je beseft dat er een uitgekiend plan en veel inspanning nodig waren om alles te maken.

Mensen herkennen direct of iets gemaakt is of niet[43]. Binnen een seconde zie je of een beeldhouwwerk gevormd is door wind en erosie of door een beeldhouwer. Als je kijkt naar al die wonderen in de natuur, stelt je automatisch de vraag: “wie heeft dit gemaakt”?

Eén voorbeeld van schepping weerlegt het materialisme.
Er is zoveel te zien dat op een schepper wijst.

  1. Het bovennatuurlijke is niet waarneembaar.
    Een vierde reden waarom de atheïstische bril wetenschappers verbiedt om over het immateriële en over goden te praten, is dat je het immateriële en het bovennatuurlijke niet kunt waarnemen en bestuderen. De atheïstische bril verbiedt niemand om in het immateriële of bovennatuurlijke te geloven, maar verbiedt wetenschappers alleen om er over te praten[44].

Toch is het een onterecht vooroordeel dat het bovennatuurlijke niet waarneembaar en te bestuderen is:

  • Het gros van de mensheid denkt daar anders over. Onze werkelijkheid maakt juist in alle hoeken en gaten duidelijk dat er een hele intelligente schepper moet bestaan. Je kunt die schepper niet direct zien, maar wel indirect, net als atomen. Zoals je uit indirecte waarnemingen kunt concluderen dat atomen bestaan, kun je ook uit de schepping concluderen dat er een schepper bestaat.
  • Zoals je geschiedenis kunt bestuderen, kun je ook bestuderen wat anderen in het verleden met God meegemaakt hebben. De Bijbel is een historisch boek waarin tal van getuigen vertellen wat ze als volk en individu met God meegemaakt hebben. Zo kun je God niet alleen waarnemen, maar ook heel goed leren kennen.
  • Heel veel mensen hebben God persoonlijk waargenomen. Er lopen talloze getuigen rond die je kunnen vertellen wat er allemaal in positieve zin in hun leven veranderde doordat ze God hebben leren kennen[45]. Vraag het maar eens aan iemand die christen geworden is.
  • Als wetenschapper en waarheidszoeker moet je de vraag of het bovennatuurlijke bestaat, niet uitsluiten, maar onderzoeken. Dat is juist een belangrijke levensvraag waar iedereen een antwoord op wil. Hoe kunnen wetenschappers (waarheidszoekers) ooit verbieden dat je de wetenschap niet mag gebruiken om het antwoord te zoeken op de belangrijkste vraag in je leven; bestaat God? En: kan ik hem leren kennen? Je kunt God immers leren kennen door de natuur, door al die getuigen in de Bijbel en door gelovigen om je heen.
  • Theologie is juist een belangrijk onderdeel van de wetenschap om antwoorden te zoeken op de belangrijkste vragen in ons leven. Daarom waren theologie, rechten en geneeskunde de eerste takken van wetenschap aan de eerste universiteiten in Nederland; Leuven en Leiden[46]. Theologie laat juist zien dat er veel meer en belangrijkere dingen bestaan dan alleen maar materie.
  • Als je nooit een schepper als verklaring mag aandragen, omdat hij niet waarneembaar zou zijn, mag je ook niet vertellen dat alles door toeval ontstaan is, want niemand heeft dat toeval waargenomen.

Kunnen we geen schepper waarnemen?
Je ziet hem overal: in de natuur en in de Bijbel.
Je moet de schepper niet uitsluiten, maar zoeken.

De wetenschappers die de regels bepalen, verbieden niemand om buiten de wetenschap in goden te geloven, maar verbieden dat wel binnen de wetenschap:

  • Materialisten noemen zich vaak ‘vrije denkers’[47], maar ze verplichten iedereen om hun bril te dragen.
  • Zoals de paus de wetenschapper Galileo Galilei ooit onterecht het zwijgen oplegde, zo leggen materialisten nu onterecht het zwijgen op aan wie een schepper ziet. Wereldbeelden – zoals het atheïsme – moeten de wetenschappelijke en religieuze vrijheid niet inperken.
  • Wetenschappers moeten alle ruimte krijgen om het met elkaar oneens te zijn en om met elkaar te discussiëren; ook over wereldbeelden.
  • Wetenschappers erkennen wel dat de atheïstische bril slechts een methode is om naar de werkelijkheid te kijken, maar geloven vervolgens wel dat het waar is wat ze allemaal door die bril zien. De bril dwingt tot geloof in het toeval. Dat toeval wordt overal als waarheid verkocht.
  • Als invloedrijke wetenschappers weten dat het gros van de mensheid gelooft dat de atheïstische bril niet deugt, hoe kunnen ze dan van iedereen blijven verlangen dat ze toch die bril moeten gebruiken? Als je gelooft dat die bril niet deugt, geloof je toch ook niet wat je ziet?
  • De atheïstische wetenschapsbril is niet alleen een subjectieve methode om naar de werkelijkheid te kijken, maar stimuleert ook geloof in een werkelijkheid zonder schepper. De atheïstische bril bevordert atheïsme.
  • De atheïstische wetenschapsbril creëert een onnodig conflict tussen religieuze en niet-religieuze mensen. De wetenschap vervreemdt zich van de maatschappij door haar verplichte atheïstische bril en haar tunnelvisie. Het conflict tussen wetenschap en geloof is eenvoudig op te lossen door de verplichting op te heffen om altijd de subjectieve atheïstische wetenschapsbril te dragen. Dan worden gelovigen en niet gelovigen weer vrij om het bewijs te volgen waar het ook leidt. Dan wordt de wetenschap weer vrij van dwang en tunnelvisie.

‘Vrijdenkers’ dwingen andersdenkenden te zwijgen over schepping.
De atheïstische bril belemmert vrije wetenschap.
Het is een bril die onnodige conflicten veroorzaakt.

  1. Materiële verschijnselen kunnen alleen maar materiële oorzaken hebben.
    De atheïstische wetenschapsbril is volgens sommige wetenschappers ook nodig omdat materiële verschijnselen in deze materiële wereld alleen maar verklaard kunnen worden met materiële oorzaken[48]. Het immateriële bestaat niet en het kan materie ook niet in beweging zetten. Daarom mogen wetenschappers nooit zeggen dat een schepper iets gedaan heeft, want dat is een immateriële en bovennatuurlijke verklaring.

Volgens materialistische wetenschappers ziet de wereld er ongeveer zo uit[49]:

  • Alles is materie en wordt veroorzaakt door materie[50].
  • Onze lichamen zijn machines[51] die reageren op materiële prikkels uit de omgeving via zintuigen.
  • Denken is een chemisch proces in onze hersenen. Chemische reacties in onze hersenen bepalen wat we doen. Vrijheid en zelfbewustzijn zijn illusies, gecreëerd door chemische processen in onze hersenen[52].
  • Onze dood betekent het einde van de machine, ons denken, ons zelfbewustzijn en onze vrijheid.
  • Een mens is een tijdelijke verzameling moleculen. Na de dood worden die moleculen opnieuw gebruikt.
  • Alles is vanzelf ontstaan en heeft geen doel; het heelal niet en ons leven niet.
  • Goden bestaan niet, want denken zonder lichaam is onmogelijk[53].

Maar klopt dit plaatje met de werkelijkheid? Natuurlijk niet. Als we onze beleving van de werkelijkheid mogen vertrouwen – daar gaat de wetenschap van uit – dan bestaan er allerlei immateriële werkelijkheden, zoals:

  • zelfbewustzijn;
  • vrijheid;
  • kennis (wetenschap is zelf immaterieel);
  • opvoeding;
  • intuïtie (waardoor we direct betwijfelen of het materialisme klopt);
  • gevoel;
  • verstand en nadenken;
  • goed en kwaad (moraal);
  • rechten en plichten;
  • verdiensten en schuld;
  • waarden (een rangorde in belangrijke en onbelangrijke dingen);
  • vijandschap, haat, tweespalt, zedeloosheid, losbandigheid, afgoderij, jaloezie, rivaliteit, occultisme, woede, ruzie, afgunst (die werkelijkheden noemt de Bijbel egoïsme)[54].
  • liefde, vreugde, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, voorzichtigheid, zelfbeheersing (die werkelijkheden noemt de Bijbel de vrucht – het resultaat – van Gods opvoedende Geest)[55].

Kortom, veel van die immateriële werkelijkheden vormen onze menselijke persoonlijkheid. Het materialisme ontneemt mensen al hun immateriële eigenschappen; hun persoonlijkheid; de dingen die we missen als onze geliefden overlijden. Het materialisme maakt machines van personen. Personen bestaan gewoon niet; ook dé Persoon niet die deze werkelijkheid gemaakt heeft.

De atheïstische wetenschapsbril maakt alles onpersoonlijk.
Mensen zijn machines; bewegende moleculen.
De Maker zie je helemaal niet meer.

Toch zijn het de immateriële werkelijkheden in ons bestaan die ons leven zo waardevol en betekenisvol maken en die ons zo gelukkig maken; liefde, vrede, vrijheid en vreugde. Die immateriële aspecten van ons bestaan danken we aan de Bron van eeuwige vreugde. Daarom zie je mensen in de kerk uit volle borst zingen over hun Bron van eeuwige vreugde[56].

Wie oog krijgt voor de immateriële werkelijkheid waarin we leven, ziet wat de belangrijkste dingen in ons leven zijn. Maar wie de materialistische bril draagt, ziet de belangrijkste dingen in ons leven niet.

Dat is ronduit naïef en gevaarlijk. Het is belangrijk om de gevaren van immateriële ideologieën te zien en te herkennen. Om jezelf en anderen lief te kunnen hebben, is het belangrijk om te beseffen hoe waardevol jij en andere mensen zijn[57].

Kijk bijvoorbeeld naar Vladimir Lenin. Hij was een overtuigd materialist en voorvechter van het materialisme. Hij was de eerste die de materialistische ideologie van Karl Marx in de praktijk bracht[58]. Lenin schreef zelfs een boek over het materialisme[59]. Dat materialistische boek moest iedereen in het hoger onderwijs in heel de Sovjet-Unie lezen, want iedereen moest door zijn bril gaan kijken.

Lenin noemde geloof ‘opium voor het volk’.
Hij wilde alle religies uitroeien[60].

Hij beroofde al zijn onderdanen van hun vrijheden en wilde heel de wereld veroveren[61]. Door zijn materialistische bril was een mensenleven niets waard. Hij liet concentratiekampen bouwen en liet ongeveer 20 miljoen mensen vermoorden[62]. De materialistische bril van Lenin zorgde voor een zwarte bladzijde in de geschiedenis van de twintigste eeuw.

Maar helaas volgden er meer zwarte materialistische bladzijden. Lenins opvolger Jozef Stalin schreef ook een materialistisch boek; Dialectisch en historisch materialisme. Dat boek werd het staatsdogma van de Sovjet-Unie. Het werd verplichte literatuur in heel de Sovjet-Unie[63]. Voor Stalin had een mensenleven nog minder waarde; hij liet 40 miljoen mensen afslachten[64].

Ook Mao Zedong – leider van de Communistische Partij van China – was een prediker van het materialisme. Hij schreef het boek ‘Dialectisch materialisme’[65].  Hij was verantwoordelijk voor de dood van 40 tot 70 miljoen mensen[66].

In de twintigste eeuw hebben voorvechters en verspreiders van het materialisme meer dan honderd miljoen mensen vermoord, want door hun materialistische bril was een mens niet meer dan een machine; een tijdelijke verzameling van moleculen.

Zó groot is de invloed van immateriële ideologieën; niet alleen op materie (al die lichamen), maar vooral op het immateriële (de pijn en het verdriet van de slachtoffers en de nabestaanden). Het materialisme was het grootste kwaad uit de twintigste eeuw.

De twintigste eeuw leert een belangrijke les.
De materialistische bril is levensgevaarlijk.
Materialisme is vergif voor het volk.

De materialistische bril heeft geen oog voor de belangrijkste dingen in ons leven. Immateriële dingen als liefde, vrijheid, vrede en vreugde zijn veel belangrijker en maken ons gelukkig. Als leiders die het immateriële ontkennen de macht grijpen, worden de immateriële waarden die ze ontkennen – liefde, vrijheid, vrede en vreugde – verdreven door hun tegenpolen: haat, dwang, oorlog en verdriet.

Toch zit het materialisme nog steeds op de troon in de wetenschap. De overeenkomsten met bijvoorbeeld Lenin zijn opvallend:

  • Wetenschappers moeten nog steeds geschoold worden in het materialisme, zoals iedereen in het hoger onderwijs in de Sovjet-Unie geschoold moest worden in het materialisme.
  • Wetenschappers worden gedwongen om de werkelijkheid door de materialistische bril te bekijken, zoals iedereen door de materialistische bril van Lenin moest kijken.
  • Materialistische wetenschappers verbannen religie uit de wetenschap, zoals Lenin religie uit de samenleving verbande.
  • Wie het materialisme tegenspreekt, wordt aangepakt.

Als de materialistische bril de immateriële werkelijkheid niet eens ziet en het grootste kwaad was uit de twintigste eeuw, dan moeten we:

  • die materialistische bril vandaag nog in de prullenbak gooien;
  • een bril zoeken die de immateriële werkelijkheid ook laat zien;
  • een bril zoeken waarmee we de immateriële wereld ook kunnen bekijken en begrijpen[67].

De materialistische bril moet de prullenbak in.
We moeten het immateriële ook onderzoeken.
Dan begrijpen we de werkelijkheid beter.
Anders maken we de grootste brokken.

  1. God is niet gewenst.
    Een laatste argument voor het verplichte gebruik van de materialistische bril in de wetenschap, is een argument wat je weinig hoort. Het is namelijk geen wetenschappelijk, maar een persoonlijk argument. Niet iedereen is blij met een wereldbeeld waar God in voorkomt.

Eeuwenlang bestond er in de Westerse wetenschap alleen maar een wereldbeeld waarin God voorkwam, want bijna iedereen geloofde in God. Nu is er ook een wereldbeeld zonder God. Sterker nog; een wereldbeeld waar God in voorkomt, is nu verboden. Atheïstische wetenschappers zijn daar heel blij mee en willen dat niet graag prijsgeven.

De filosoof Thomas Nagel schrijft heel eerlijk: “Ik wil dat het atheïsme waar is en wordt ongemakkelijk van het feit dat sommigen van de meest intelligente en goed geïnformeerde mensen die ik ken, gelovigen zijn”[68]. De bioloog Richard Lewontin schrijft waarom hij en andere atheïsten zo aan het materialisme vasthouden: “we kunnen geen goddelijke voet tussen de deur toelaten”[69].

Sommige atheïsten beweren zelfs dat geen enkel bewijs hen ooit kan overtuigen dat God bestaat[70].

Niet iedereen wil God zien.
De verplichte atheïstische bril lost dat op.
Hoe zwaar weegt dit persoonlijke argument?

De ondergang van het materialisme in de Sovjet-Unie

Waarschijnlijk heeft deze materialistische bril zijn langste tijd gehad. Om te laten zien waarom, neem ik je mee naar de geschiedenis van de Sovjet-Unie.

Door de Oktoberrevolutie in 1917 komt Vladimir Lenin aan de macht. Hij is een voorvechter van het materialisme. Iedereen moet geschoold worden in dat materialisme en door de bril van Lenin kijken. Zijn communistische ideologie is een materialistische ideologie[71]. Lenin droomt van de eerste perfecte maatschappij, die grote welvaart zal brengen.

Iedereen moet zoveel mogelijk produceren.
De staat zal alle overvloed eerlijk verdelen.
Iedereen zal in overvloed leven; niet alleen de rijken.

De staat heeft veel macht nodig om die droom waar te maken. Alles is geoorloofd om dat ideaal te bereiken. Geloof in God en in het immateriële moet uitgeroeid worden[72]. Politieke tegenstanders ook. Lenin en Stalin laten tientallen miljoenen mensen vermoorden. De twijfels over de materialistische bril beginnen te groeien.

Er doemen steeds meer feiten op die niet kloppen.

De welvaart komt maar niet op gang. Luxeproducten zijn amper in de winkels te vinden. Kritiek leveren is heel gevaarlijk. Toch droomt de Sovjet-Unie maar door en verovert Oost-Europese landen. Duitsland valt in Oost en West uiteen. Veel jonge mensen zien dat de materialistische bril niet werkt. Het Westen is veel welvarender.

Kritiek van knappe koppen wordt de kop ingedrukt.
Ze vertrekken naar het democratische Westen.

Met een ‘ijzeren gordijn’ en een muur tussen Oost en West stopt de staat de leegloop. Het Westen is bang dat de Sovjet-Unie overal de baas wil spelen. Er ontstaat een wapenwedloop met atoomwapens. Westerse landen zien hoe de materialistische bril faalt.

De Sovjeteconomie moet het vooral hebben van de export van olie en gas. Maar als de olieprijzen instorten, gaat het helemaal fout. Winkels voeren amper voedsel meer aan. Er staan lange wachtrijen voor de deur. De staat doet alsof er niets aan de hand is en draagt geen oplossingen meer aan. Het vertrouwen in de staat keldert.

Iedereen ziet dat de materialistische bril niet werkt.
De oude brillen werkten veel beter.
De kritiek wordt steeds sterker.

De staat moet de materialistische bril loslaten. De materialistische bril en de materialistische heilstaat (de Sovjet-Unie) vallen in scherven uit elkaar. De muur wordt neergehaald. Burgers krijgen hun vrijheid weer terug om te gaan waar ze willen, om te zeggen wat ze willen en om te geloven wat ze willen. De dwang is weg. Na jarenlange angst en verdriet is er weer reden tot blijdschap.

De vrede tussen Oost en West keert terug. De koude oorlog is over. Het materialistische communisme heeft afgedaan. Bijna alle landen gaan op weg naar democratie.

Groeiende kritiek sloopt de materialistische bril en muur.
Daardoor keren vreugde, vrede en vrijheid weer terug.
Verdriet, dwang en strijd zijn verleden tijd.

De ondergang van het materialisme in de wetenschap

In de wetenschap zie je precies hetzelfde gebeuren. De materialistische wetenschapsbril kent eerst een tijd van bloei. Al snel duiken er steeds meer tegenstrijdheden op, die steeds moeilijker oplosbaar zijn. Ontevredenheid groeit binnen en buiten de wetenschap. Kritiek wordt de mond gesnoerd. Knappe koppen lopen weg. De scheppingsbril kan de werkelijkheid beter verklaren. Kritiek binnen en buiten de wetenschap wordt steeds heftiger.

De materialistische muur rond de wetenschap wankelt.

Heb je de overeenkomsten al eens gezien tussen de materialistische wetenschapsbril in de Sovjet-Unie en in de wetenschap? Ik zal ze laten zien.

Aan het begin van de twintigste eeuw lijkt de opmars van de materialistische wetenschapsbril onstuitbaar en veroorzaakt – net als Lenin – een revolutie in de wetenschap. Julien Offray de La Mettrie ziet de mens als een machine zonder vrijheid en persoonlijkheid. De evolutietheorie van Charles Darwin beweert dat alle levende wezens niet door God gemaakt zijn, maar vanzelf ontstaan zijn uit een primitief eencellig wezen. Aleksandr Oparin beweert dat het eerste leven ook vanzelf ontstaan is uit levenloze materie.

Het geloof groeit dat alles vanzelf ontstaat.
Het geloof in het toeval verdringt het geloof in God.
De materialistische bril wordt verplicht, net als onder Lenin.

Maar nieuwe ontdekkingen trekken de juistheid van de materialistische bril steeds meer in twijfel.

In 1927 publiceert de Belgische astronoom en katholieke priester Georges Lemaître de Big Bang theorie. Hij verwerpt het idee van een statisch heelal. Materialisten zijn niet blij met zijn theorie. Zij gaan er vanuit dat materie en het heelal geen begin hebben en altijd al bestaan hebben. Als het heelal en materie een begin hebben, wie of wat is dan de oorzaak?

Einstein past de formule van zijn algemene relativiteitstheorie aan om toch aan een statisch heelal vast te houden. Later blijkt dit zijn grootste vergissing te zijn[73]. Andrei Zhdanov, de belangrijkste (materialistische) ideoloog van Stalin, noemt de katholieke priester Georges Lemaître een wetenschapsvervalser die het oude fabeltje – over een schepping van de wereld uit het niets – weer nieuw leven inblaast[74].

Wetenschappers dragen allemaal andere theorieën aan om betere verklaringen te geven voor de groei van het heelal. Maar die blijken niet opgewassen te zijn tegen de Big Bang theorie[75]. De Big Bang is vandaag de dag algemeen aanvaard. Maar als materie, energie, ruimte en tijd een begin hebben, wie of wat is dan de oorzaak? Dan moet er wel een bovennatuurlijke oorzaak zijn.

De Big Bang is een grote dreun voor het materialisme.

Charles Darwin en Aleksandr Oparin denken dat leven vanzelf ontstaan is uit levenloze materie. Ze denken dat eencellige levensvormen eenvoudige levensvormen zijn. Maar de wetenschap ontwikkelt betere microscopen om eencellige levensvormen te onderzoeken.

Eencellige levensvormen blijken helemaal niet eenvoudig te zijn. Het lijken net geautomatiseerde en gerobotiseerde fabrieken die zelfstandig allerlei taken kunnen uitvoeren. Hoe meer we over de levende cel ontdekken, hoe moeilijker het wordt om te geloven dat leven vanzelf ontstaat.

Vandaag de dag bestaan er talloze speculatieve theorieën die ons willen laten geloven dat leven uit levenloze materie ontstond[76]. Maar zelfs de meest verstokte atheïst en aanhanger van Darwin erkent dat we nog steeds geen idee hebben hoe leven kon ontstaan[77].

Het eerste leven leek zo simpel.
Dat bleek een grote vergissing.

In 1953 ontdekken wetenschappers de software in het DNA van levende wezens. Die informatie zet grote vraagtekens achter de belangrijkste steunpilaar van het materialisme; de evolutietheorie van Darwin:

  • Waar komt die informatie vandaan?
  • Ontstaat informatie zomaar vanzelf?
  • Hoe komen nieuwe levensvormen aan zoveel nieuwe complexe informatie?

Bij nieuwe informatie denkt iedereen natuurlijk aan een intelligente programmeur. Maar dat mag niemand zeggen. Wetenschappers moeten de informatie verklaren met materiële oorzaken. Steeds meer nieuwe ontdekkingen kloppen niet met de materialistische wetenschapsbril.

Steeds meer ontdekkingen weerspreken de materialistische bril.
Het heelal, leven en informatie ontstaan niet zomaar.
Zelfs de evolutietheorie krijgt het zwaar.

Betrouwbare wetenschappelijke theorieën doen goede voorspellingen. Maar de evolutietheorie zit er steeds vaker naast. Darwin schrijft in zijn evolutietheorie dat mensen veel organen bezitten die eigenlijk geen functie meer hebben. We hebben die overtollige organen geërfd van andere diersoorten, maar ze hebben eigenlijk geen nut meer[78]. Ze vormen het bewijs dat het toeval regeert.

De Darwinist Robert Wiedersheim stelt zelfs een lijst op met 86 organen die weinig nut meer hebben[79]. Die voorspelling komt niet uit. Bijna alle organen blijken een functie te hebben. Nu zijn biologen extreem voorzichtig om nog over organen zonder functie te praten[80]. Blijkbaar zitten onze organen er niet toevallig, maar bewust.

Aan het eind van de twintigste eeuw beweren veel Darwinistische wetenschappers – waaronder Richard Dawkins[81], Kenneth Miller[82] en Francis Collins[83] – dat het gros van ons genetisch materiaal geen functie heeft. Als ons DNA toevallig ontstaan is, dan moet er ook veel wartaal tussen zitten; programmeercode die geen functie heeft: ‘junk-DNA’.

In 2012 blijkt het tegendeel. In het wetenschappelijk tijdschrift Nature verschijnen de resultaten van een jarenlang onderzoek naar de functies van ‘junk-DNA’. Van 80 procent is duidelijk dat het weldegelijk een functie heeft en de verwachting is dat dit percentage naar 100 procent zal stijgen als de wetenschap vordert[84]. Francis Collins bekent dat hij zelf wartaal geschreven heeft[85]. Blijkbaar ontstond ons DNA niet toevallig.

Voorspellingen van de evolutietheorie komen niet uit.
Steeds vaker blijkt dat de evolutietheorie faalt.
De materialistische bril wordt ongeloofwaardig.

Zoals de inwoners van de Sovjet-Unie het vertrouwen in de materialistische bril verloren en ontdekten dat hun oude bril veel beter werkte, zo verliezen veel wetenschappers het geloof in de materialistische bril en ontdekken ze dat hun oude scheppingsbril beter werkt. Met de materialistische bril van het toeval lukt het niet om geloofwaardige verklaringen te geven voor de Big Bang, het eerste leven en informatie in ons DNA. De oude scheppingsbril kan dat allemaal veel beter verklaren.

Maar zoals in de Sovjet-Unie niemand kritiek mocht leveren op de materialistische bril, zo wordt kritiek van wetenschappers op de materialistische bril niet toegelaten in wetenschappelijke publicaties. Je mag gewoon niet zeggen dat schepping soms een betere verklaring biedt dan toeval.

Net als in de Sovjet-Unie gooien andersdenkende wetenschappers het over een andere boeg. Met gevaar voor de eigen carrière gaan ze boeken schrijven om de ogen van het grote publiek te openen. Vooral in de VS vliegen die boeken over de toonbank.

Andersdenkenden openen steeds meer ogen.
Schepping verklaart veel meer dan toeval.
Toeval verklaart helemaal niets.

Wetenschappers laten met allerlei boeken zien waarom de materialistische bril met zijn toeval niet deugt en waarom onze werkelijkheid veel beter verklaard kan worden met schepping.

De orde om ons heen veronderstelt schepping:

  • De natuurkundige Paul Davies schrijft dat we wetenschap beoefenen omdat we geloven dat alles logisch geordend is. We vinden Gods logica (natuurwetten) in de schepping. De materialistische bril kan die orde en logica niet verklaren[86].
  • Volgens wetenschapshistoricus en wetenschapsfilosoof Stephen C. Meyer bewijst de software in alle levende cellen hogere intelligentie. De cel bevat ‘Gods handtekening’. De materialistische bril kan die informatie niet verklaren[87].
  • De wiskundige, filosoof en theoloog William A. Dembski laat zien dat heel onze werkelijkheid gebouwd is op informatie. Informatie – in de vorm van natuurwetten, natuurconstanten en DNA – vormt en ordent ons bestaan. De materialistische bril kan de herkomst van die ordenende informatie niet verklaren. Die bril ziet niet eens informatie. De materialistische bril kan onze materiële werkelijkheid ook niet verklaren, want die is volledig gebouwd op informatie[88].

De complexiteit van heel onze werkelijkheid wijst ook naar schepping:

  • De biochemicus Michael J. Behe, William A. Dembski en medicus Geoffrey Simmons schrijven dat de materialistische bril met haar toeval de ingewikkelde samenwerking van talloze onderdelen in levende wezens niet kan verklaren. Een staartmotor van een bacterie, een oog, bloedstolling, enzovoort, zijn zó ingewikkeld dat daar een intelligente ontwerper voor nodig is[89].
  • De fysisch chemicus Charles Thaxton en de bouwkundig hoogleraar Walter Bradley laten zien dat de materialistische bril het ontstaan van het eerste leven uit levenloze materie niet kan verklaren. Alleen een ongekend grote intelligentie kan zulk onnavolgbaar complex leven voortbrengen[90].
  • Diverse wetenschappers laten zien dat materie niet in staat is om nieuwe informatie te produceren voor nieuwe levensvormen. Voor elke soort is veel nieuwe, specifieke software nodig. Voor het programmeren van die software is ongekende intelligentie nodig[91].

Onze werkelijkheid veronderstelt een doelgericht plan:

  • Volgens de moleculair bioloog Douglas Axe bevestigt de biologie onze intuïtie dat leven niet toevallig ontstaan en ontwikkeld is, maar dat het doelgericht ontworpen is[92].
  • Natuurkundigen als Arno Penzias (Nobelprijswinnaar), Andrew Thomas en Paul Davies laten zien dat het heelal niet te verklaren valt door de materialistische bril, maar dat het heelal en onze aarde doelgericht afgesteld en ingericht zijn om leven op aarde mogelijk te maken[93].
  • Ook vijftien Nederlandse hoogleraren en doctoren – waaronder de natuurkundige Cees Dekker, de wiskundige Ronald Meester en de filosoof René van Woudenberg – laten zien dat onze werkelijkheid geen lange aaneenschakeling is van ongelooflijk toevallige gebeurtenissen. Wetenschappers ontdekken – ieder binnen hun eigen vakgebied – sporen van een kunstig ontwerp[94].

Wetenschappers keren zich in hun boeken ook tegen de materialistische bril zelf. De mens is meer dan een machine[95]. Materialisten misleiden studenten met achterhaalde feiten[96]. De materialistische wetenschapsbril is niet de enige bril[97]. Je kunt duidelijk herkennen of iets gemaakt is of niet[98].

Wetenschappers overtuigen een groeiend publiek.
Alles toont orde, complexiteit en doelgerichtheid.
Telescopen en microscopen tonen een schepper.

Net als destijds in de Sovjet-Unie merken de materialisten in de wetenschap nu ook dat de poten achter hun materialistische bril weggezaagd worden.

Aan het begin van deze eeuw slaat een groep die zich ‘de nieuwe atheïsten’ of ‘brights’ (heldere lichten) noemt, de handen ineen om de aanval op God te openen. De strijdt verhardt en neemt agressievere vormen aan.

Materialisten als Richard Dawkins, Sam Harris, Christopher Hitchens and Daniel Dennett nemen zich voor om alle religies met rationele argumenten te bestrijden, net als Lenin en Stalin. Voor dat doel moeten alle mogelijke middelen ingezet worden in onderwijs en politiek, net als onder Lenin en Stalin. Religieuze opvoeding vinden ze een vorm van indoctrinatie, net als Lenin en Stalin[99].

De nieuwe atheïsten misbruiken de materialistische wetenschapsbril met zijn oogkleppen voor het immateriële en bovennatuurlijke om te ‘bewijzen’ dat God niet bestaat. Ze beweren dat wetenschap en religies met elkaar in strijd zijn. De wetenschap zou bewijzen dat goden niet bestaan. Veel wetenschappers vinden dat de nieuwe atheïsten veel te ver gaan[100].

Nieuwe atheïsten gaan tekeer als Lenin en Stalin.
Alle religies moeten uitgeroeid worden.

Invloedrijke materialistische wetenschappers beginnen ook agressiever te strijden tegen de scheppingsbril. Net als onder Lenin en Stalin mogen andersdenkenden zich in de wetenschap niet verdedigen, maar worden ze wel sterk veroordeeld[101]:

  • Schepping zou geen wetenschappelijke, maar een religieuze verklaring zijn.
  • Als je niet weet hoe iets ontstond, moet je niet roepen dat het gemaakt is.
  • Schepping suggereert dat er een of meer immateriële goden bestaan.

Aanhangers van de scheppingsbril beantwoorden deze bezwaren in allerlei boeken, want in wetenschappelijke publicaties komen ze niet aan het woord[102]. Ze erkennen dat de scheppingsbril gevolgen heeft voor ons wereldbeeld, maar dat heeft de atheïstische bril net zo goed.

Invloedrijke atheïstische wetenschappers zien in schepping een steeds grotere dreiging. Ze beginnen overheden te adviseren om schepping als wetenschappelijke verklaring in het onderwijs te verbieden. Maar vanuit de maatschappij komt er steeds meer weerstand tegen de atheïstische bril. Ouders vinden dat hun kinderen op school ook moeten horen dat er andere verklaringen voor onze werkelijkheid zijn dan alleen de atheïstische.

Een openbare school in Dover vertelt leerlingen dat schepping ook een verklaring is. Maar materialistische wetenschappers weten de rechter te overtuigen dat schepping geen wetenschap zou zijn, maar religie. Daarom is het nu op alle openbare scholen in de VS verboden om schepping als een verklaring voor onze werkelijkheid aan te dragen[103].

In 2007 proberen atheïstische wetenschappers ook de Europese Commissie zo ver te krijgen om schepping als verklaring voor onze werkelijkheid te verbieden in het onderwijs. De Europese Commissie gaat een stukje mee en adviseert de Europese landen om schepping in de godsdienstles aan de orde te stellen, maar niet in de biologieles[104].

Materialisten leggen onderwijzers het zwijgen op.
Over schepping mag niet gesproken worden.
Religie moet uitgeroeid worden.

Net als destijds in de Sovjet-Unie doen atheïstische wetenschappers net alsof er niets aan de hand is, maar kritische wetenschappers beginnen afstand te nemen van de atheïstische bril.

Allan Sandage[105] (1926-2010) was een gerespecteerde Amerikaanse astronoom die de groeisnelheid en de ouderdom van het heelal berekende en quasars in het heelal ontdekte. In 1983 maakt hij zijn bekering tot het christendom bekend. Hij erkent dat hij het geheim van ons bestaan niet kan begrijpen zonder te geloven in het bovennatuurlijke[106]. Deze wereld is te ingewikkeld voor louter toeval[107].

In 2004 maakt de filosoof Antony Flew – ’s werelds bekendste verdediger van het materialisme – bekend dat hij afscheid genomen heeft van het materialisme en nu in een schepper gelooft; een schepper die alles maakte, maar die zich niet meer met zijn schepping bemoeit. Zijn collega’s reageren geschokt[108], want Flew vindt dat de scheppingsbril een betere verklaring geeft voor het ontstaan van het eerste leven, DNA en het complexe universum dan de atheïstische bril[109]. Flew zegt dat hij het bewijs moet volgen, waar het hem ook brengt[110].

In 2012 neemt de vooraanstaande atheïstische filosoof Thomas Nagel afstand van de materialistische wetenschapsbril met zijn boek ‘Geest en kosmos; waarom de materialistische, neodarwinistische opvatting van de natuur bijna zeker niet waar is”. Nagel vindt het materialisme niet meer geloofwaardig, omdat het de belangrijkste dingen in onze werkelijkheid niet kan verklaren; de orde in de natuur, ons zelfbewustzijn, onze kennis en onze waarden[111].

De scheppingsbril geeft hier veel betere verklaringen voor, maar Nagel kan geen goddelijk doel met deze wereld ontdekken[112]. Hij vindt het geloof in God ook geen prettige gedachte[113]. Daarom gelooft hij niet in een schepper.

Toch vindt Nagel dat het oneindige geloof in het toeval indruist tegen het gezond verstand. Hij verwacht dat we binnen twee generaties zullen lachen dat we ooit zoiets geloofd hebben[114]. Nagel biedt geen alternatief, maar hoopt dat wetenschappers andere principes in de natuur ontdekken, die het ontstaan van orde, zelfbewustzijn, kennis en waarden wel kunnen verklaren[115]. Nagel leeft verder zonder verklaringen.

Materialistische wetenschappers verlaten het materialisme; net als destijds in de Sovjet-Unie. De kritiek op de materialistische wetenschapsbril groeit; binnen de wetenschap en in de maatschappij. De roep om de oude scheppingsbril wordt sterker[116]. Het is een kwestie van wachten totdat de materialistische muur om de wetenschap valt[117].

Wetenschappers danken de materialistische bril af.
Veel mensen willen de scheppingsbril weer terug.
De materialistische muur staat op instorten.

Onze telescopen en microscopen laten steeds meer van een intelligente schepper zien. Iedereen ziet de olifant in de kamer[118], maar niemand mag zeggen dat hij er staat. Iedereen ziet dat de keizer geen kleren aanheeft, maar niemand mag het zeggen[119].

Als het verbod op het spreken over een schepper in de wetenschap opgeheven wordt en de materialistische muur rondom de wetenschap valt, zal de wetenschap net als de voormalige Sovjet-Unie bevrijd worden:

  • Zoals inwoners van de Sovjet-Unie door de val van de muur hun vrijheid van meningsuiting weer terugkregen, krijgen wetenschappers door de val van het wetenschappelijk materialisme hun vrijheid weer terug om de meest waarschijnlijke verklaringen te verdedigen en het bewijs te volgen waar het leidt.
  • Zoals concurrentie op de vrije markt de economie van de voormalige Sovjet-Unie naar een hoger niveau brengt, brengt de vrije discussie over het bovennatuurlijke de wetenschap naar een hoger niveau. Discussies maken duidelijk of iets vanzelf ontstaan kan of niet.
  • Zoals de val van de muur de koude oorlog tussen Oost en West beëindigde, beëindigt de val van het materialisme in de wetenschap de koude oorlog tussen geloof en wetenschap. Vrede tussen geloof en wetenschap keren dan terug.
  • Zoals de indoctrinatie met het wereldbeeld zonder schepper in de Sovjet-Unie stopte toen de muur viel, zo zal de indoctrinatie met het wereldbeeld zonder schepper ook stoppen in het onderwijs. Dan ontstaat er weer ruimte voor andere wereldbeelden.
  • De opheffing van het verbod om te praten over het bovennatuurlijke zal jonge gelovigen weer aanmoedigen om intelligentie in onze werkelijkheid te zoeken, waar anderen het niet zoeken; bijvoorbeeld programmeerinzichten uit ons DNA.

De val van de materialistische muur in de wetenschap zal – net als de val van de materialistische muur om de Sovjet-Unie – het einde betekenen van veel ongenoegen, dwang en koude oorlog en een periode inluiden van blijdschap, vrijheid, vrede en vooruitgang. Die val komt onverwacht, net als in de Sovjet-Unie, maar misschien moet de wetenschappelijke en maatschappelijke druk eerst nog toenemen. Wetenschappelijke revoluties hebben bewijs, druk en tijd nodig[120].

De materialistische wetenschapsbril is op zijn eind.
Het geloof in het toeval is niet meer houdbaar.

[1] https://en.wikipedia.org/wiki/Demiurge.

[2] https://en.wikipedia.org/wiki/Democritus#Philosophy_and_science.

[3] https://en.wikipedia.org/wiki/Metaphysical_naturalism#Ancient_and_medieval_philosophy.

[4] https://en.wikipedia.org/wiki/Medieval_university.

[5] https://en.wikipedia.org/wiki/Secondary_causation.

[6] https://en.wikipedia.org/wiki/Thomas_Aquinas#Prima_causa_(first_cause).

[7] ‘P. Harrison & J.H. Roberts, Science Without God?: Rethinking the History of Scientific Naturalism’, hoofdstuk 2 ‘Naturalist Tendencies in Medieval Science’.

[8] https://en.wikipedia.org/wiki/Baron_d%27Holbach.

[9] https://nl.wikipedia.org/wiki/Julien_Offray_de_La_Mettrie.

[10] https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC2745620/.

[11] https://en.wikipedia.org/wiki/Alexander_Oparin.

[12] Zie J.B. Onyango Okello, A History and Critique of Methodological Naturalism: The Philosophical Case for God’s Design of Nature, 6.

[13] https://en.wikipedia.org/wiki/Naturalism_(philosophy)#Origins_and_history.

[14] https://en.wikipedia.org/wiki/Naturalism_(philosophy)#Etymology.

[15] Zie bijvoorbeeld F.S. Collins, The Language of God: A Scientist Presents Evidence for Belief, 3, 10, p. 199-201.

[16] https://www.nrc.nl/nieuws/1996/01/04/de-teugelloosheid-van-de-theologie-7294138-a464857.

[17] https://en.wikipedia.org/wiki/Philosophical_theism, https://en.wikipedia.org/wiki/Deism.

[18] https://en.wikipedia.org/wiki/David_Berlinski#Views_on_religion, https://en.wikipedia.org/wiki/Michael_Denton.

[19] https://en.wikipedia.org/wiki/God_of_the_gaps.

[20] https://rationalwiki.org/wiki/Methodological_naturalism#Methodological_naturalism_and_the_anti-science_movement.

[21] https://nl.wikipedia.org/wiki/Gravitatiewet_van_Newton.

[22] M.J. Behe, Darwin Devolves, Introduction.

[23] T. Nagel, Mind & Cosmos: Why the Materialist Neo-Darwinian Conception of Nature is Almost Certainly False.

[24] https://en.wikipedia.org/wiki/Naturalism_(philosophy)#Assumptions_needed_for_science_from_naturalism.

[25] https://nl.wikipedia.org/wiki/Tunnelvisie_(onderzoek).

[26] https://plato.stanford.edu/entries/scientific-objectivity/, https://en.wikipedia.org/wiki/Thomas_Kuhn.

[27] T. Kuhn, The Structure of Scientific Revolutions, https://en.wikipedia.org/wiki/Paradigm_shift.

[28] https://en.wikipedia.org/wiki/Thomas_Kuhn#The_Structure_of_Scientific_Revolutions.

[29] P. Davies, The Goldilocks Enigma; Why Is the Universe Just Right for Life? en https://www.gotquestions.org/multiverse-theory.html.

[30] L.M. Kraus, A Universe from Nothing.

[31] P. Atkins, Conjuring the Universe: The Origins of the Laws of Nature.

[32] http://evodevouniverse.com/wiki/Cosmological_natural_selection_(fecund_universes).

[33] https://en.wikipedia.org/wiki/Fine-tuned_Universe#Possible_naturalistic_explanations.

[34] https://en.wikipedia.org/wiki/Abiogenesis.

[35] https://en.wikipedia.org/wiki/Cell_(biology)#Origin_of_the_first_cell.

[36] https://www.ncbi.nlm.nih.gov/books/NBK6360/.

[37] R. Dawkins, The Blind Watchmaker: Why the Evidence of Evolution Reveals a Universe without Design.

[38] C. Darwin, On the Origin of Species.

[39] D.E. Johnson, Probability’s Nature and Nature’s Probability: A Call to Scientific Integrity.

[40] D.A. Axe, Estimating the Prevalence of Protein Sequences Adopting Functional Enzyme Folds (Journal of molecular biology, 2004) & D.A. Axe, Extreme Functional Sensitivity to Conservative Amino Acid Changes on Enzyme Exteriors, (Journal of Molecular Biology, 2000).

[41] W.A. Dembski, Being as Communion: A Metaphysics of Information, 5.

[42] F. Turek, Ik heb te weinig geloof om een atheïst te zijn.

[43] D. Axe, Undeniable, How biology confirms our intuition that life is designed.

[44] https://en.wikipedia.org/wiki/Naturalism_(philosophy)#Methodological_naturalism.

[45] https://portal.eo.nl/programmas/tv/de-verandering/ en https://www.hourofpower.nl/uitzending-gemist.

[46] https://nl.wikipedia.org/wiki/Universiteit_Leiden. https://nl.wikipedia.org/wiki/Universiteit_Leuven_(1425-1797)#15e_eeuw.

[47] https://en.wikipedia.org/wiki/Freethought.

[48] https://en.wikipedia.org/wiki/Causal_closure.

[49] https://en.wikipedia.org/wiki/Materialism.

[50] https://en.wikipedia.org/wiki/Causal_closure.

[51] https://www.britannica.com/biography/Julien-Offroy-de-La-Mettrie.

[52] B.F. Skinner, Beyond Freedom and Dignity.  https://en.wikipedia.org/wiki/Eliminative_materialism.

[53] https://en.wikipedia.org/wiki/Metaphysical_naturalism#Argument_from_physical_minds.

[54] De Bijbel noemt dat egoïsme: Galaten 5:19-21.

[55] Galaten 5:22-23.

[56] https://www.youtube.com/watch?v=PJZzOGcTsJQ.

[57] https://www.youtube.com/watch?v=6pBNlPkgU64.

[58] https://en.wikipedia.org/wiki/Dialectical_materialism, https://en.wikipedia.org/wiki/Historical_materialism, https://www.youtube.com/watch?v=UhEkJ4noN68.

[59] https://en.wikipedia.org/wiki/Materialism_and_Empirio-criticism.

[60] https://en.wikipedia.org/wiki/Vladimir_Lenin#Social,_legal,_and_economic_reform:_1917–1918.

[61] https://en.wikipedia.org/wiki/Vladimir_Lenin#Comintern_and_world_revolution:_1919–1920.

[62] M. Kramer, The Black Book of Communism: Crimes, Terror, Repression. https://en.wikipedia.org/wiki/The_Black_Book_of_Communism. https://en.wikipedia.org/wiki/Mass_killings_under_communist_regimes#Soviet_Union.

[63] https://en.wikipedia.org/wiki/Dialectical_and_Historical_Materialism.

[64] J. Kennedy & J Newcombe, What if Jesus had never been born? 15.

[65] https://www.marxists.org/reference/archive/mao/selected-works/volume-6/mswv6_30.htm. https://en.wikipedia.org/wiki/Dialectical_materialism#Mao’s_contributions.

[66] https://nl.wikipedia.org/wiki/Mao_Zedong.

[67] T. Nagel, Mind & Cosmos: Why the Materialist Neo-Darwinian Conception of Nature is Almost Certainly False, 1 & 2.

[68] T. Nagel, The Last Word, pp. 130–131.

[69] R. Lewontin, Billions and Billions of Demons, in New York Review of Books, 9 januari 1997. https://www.conservapedia.com/Atheism_and_the_suppression_of_science.

[70] https://www.youtube.com/watch?v=dRWIsuEL0Ac.

[71] https://www.marxists.org/archive/lenin/works/1913/mar/x01.htm, https://nl.wikipedia.org/wiki/Sovjet-Unie#Ideologie.

[72] https://www.youtube.com/watch?v=uHMHPQY3BmE&feature=youtu.be, https://www.youtube.com/watch?v=uEftJc31ZB4&feature=youtu.be, https://www.youtube.com/watch?v=r5eq8ifYTkU&feature=youtu.be.

[73] https://en.wikipedia.org/wiki/Cosmological_constant#History.

[74] https://en.wikipedia.org/wiki/Religious_interpretations_of_the_Big_Bang_theory.

[75] https://www.youtube.com/watch?v=6CulBuMCLg0.

[76] https://en.wikipedia.org/wiki/Abiogenesis.

[77] Zie https://www.youtube.com/watch?v=jxkQNP2NkCk.

[78] C. Darwin, The Origin of Species, 13.

[79] https://en.wikipedia.org/wiki/Robert_Wiedersheim.

[80] https://evolutionnews.org/2015/02/problem_10_neo/.

[81] R. Dawkins, The Information Challenge, in The Skeptic, 18.

[82] K. Miller, Life’s Grand Design, 24-32.

[83] F. Collins, The Language of God, 133-141.

[84] https://evolutionnews.org/2015/02/problem_10_neo/.

[85] https://evolutionnews.org/2016/07/on_junk_dna_fra/.

[86] A. Penzias in Cosmos, Bios, Theos, 16, 78, (H. Margenau e.a.). P. Davies, The Mind of God: The Scientific Basis for a Rational World. M.C. Travis, Science and the Mind of the Maker: What the Conversation Between Faith and Science Reveals About God.

[87] S.C. Meyer, Signature in the Cell: DNA and the Evidence for Intelligent Design.

[88] W.A. Dembski, Being as Communion: A Metaphysics of Information.

[89] M.J. Behe, Darwin’s Black Box. Geoffrey Simmons, William Dembski. What Darwin Didn’t Know: A Doctor Dissects the Theory of Evolution.

[90] C. Thaxton & W. Bradley, The Mystery of Life’s Origin: Reassessing Current Theories.

[91] S.C. Meyer, Darwin’s Doubt: The Explosive Origin of Animal Life and the Case for Intelligent Design. W.A. Dembski, No Free Lunch: Why Specified Complexity Cannot Be Purchased without Intelligence. M.J. Behe, The Edge of Evolution: The Search for the Limits of Darwinism. M.J. Behe, Darwin Devolves: The New Science About DNA That Challenges Evolution.

[92] D. Axe, Undeniable: How Biology Confirms Our Intuition That Life Is Designed.

[93] Andrew Thomas, Hidden In Plain Sight 7: The Fine-Tuned Universe. P. Davies, The Goldilocks Enigma: Why Is the Universe Just Right for Life?

[94] C. Dekker, R. Meester, R. van Woudenberg. Schitterend ongeluk of sporen van ontwerp?

[95] J. P. Moreland. The Recalcitrant Imago Dei: Human Persons and the Failure of Naturalism.

[96] J. Wells, Icons of Evolution. https://www.youtube.com/watch?v=te3aShKST1A. J. Wells, Zombie Science: More Icons of Evolution. https://www.youtube.com/watch?v=I2UHLPVHjug.

[97] J.C. Lennox, God’s Undertaker: Has Science Buried God? D. Berlinski, The Devil’s Delusion: Atheism and its Scientific Pretensions. J.C. Lennox. God and Stephen Hawking: Whose Design Is It Anyway?

[98] D. Axe, Undeniable: How Biology Confirms Our Intuition That Life Is Designed. M.C. Travis, Science and the Mind of the Maker: What the Conversation Between Faith and Science Reveals About God. W.A. Dembski, The Design Revolution & Signs of Intelligence & The Design Inference.

[99] https://en.wikipedia.org/wiki/New_Atheism.

[100] https://en.wikipedia.org/wiki/New_Atheism#Accusations_of_Evangelicalism_and_Fundamentalism.

[101] https://en.wikipedia.org/wiki/Intelligent_design#Criticism.

[102] Zie bijvoorbeeld W.A. Dembski, The Design Revolution. W.A. Dembski, Signs of Intelligence. W.A. Dembski, The Design Inference. M.C. Travis, Science and the Mind of the Maker: What the Conversation Between Faith and Science Reveals About God. D. Axe, Undeniable: How Biology Confirms Our Intuition That Life Is Designed.

[103] https://en.wikipedia.org/wiki/Intelligent_design#Legal_challenges_in_the_United_States.

[104] https://en.wikipedia.org/wiki/Intelligent_design#Status_outside_the_United_States.

[105] https://en.wikipedia.org/wiki/Allan_Sandage.

[106] R.J. Ressell, K. Wegter-McNelly, Science and the Spiritual Quest: New Essays by Leading Scientists, 4, p. 53.

[107] http://www.leaderu.com/truth/1truth15.html.

[108] https://www.youtube.com/watch?v=bEPUn__hYso.

[109] A. Flew & R.A. Varghese, There Is a God: How the World’s Most Notorious Atheist Changed His Mind. https://en.wikipedia.org/wiki/Antony_Flew.

[110] https://www.youtube.com/watch?v=jzquXKkV2k0.

[111] T. Nagel, Mind & Cosmos: Why the Materialist Neo-Darwinian Conception of Nature is Almost Certainly False.

[112] T. Nagel, Mind & Cosmos, 1, p.12.

[113] T. Nagel, The Last Word, pp. 130–131.

[114] T. Nagel, Mind & Cosmos, 6.

[115] T. Nagel, Mind & Cosmos, 6.

[116] M.C. Travis, Science and the Mind of the Maker: What the Conversation Between Faith and Science Reveals About God, 8.

[117] M. Denton, Evolution: A Theory in Crisis. M. Denton, Evolution: Still a Theory in Crisis. S. Meyer, The Return of the God Hypothesis: Compelling Scientific Evidence for the Existence of God. https://www.youtube.com/watch?v=Ukaz2aULa0U.

[118] https://en.wikipedia.org/wiki/Elephant_in_the_room.

[119] https://nl.wikipedia.org/wiki/De_nieuwe_kleren_van_de_keizer.

[120] https://nl.wikipedia.org/wiki/De_structuur_van_wetenschappelijke_revoluties.