Inspectie van de belemmerende brillen

Voordat ik de brillen van ooggetuigen van God liet zien, vroeg ik om mee te doen met een brillentest. Die brillentest maakte duidelijk hoeveel brillen je op je neus had die het zicht op God belemmeren:

  1. de bril dat er geen absolute waarheden bestaan (de relativistische bril);
  2. de bril dat er geen wonderen bestaan;
  3. de bril dat oude verhalen achterhaald zijn en slecht overgeleverd.

Sommige mensen hebben deze brillen niet op; andere mensen dragen ze alle drie. Laten we eens kijken wat er mis is met die brillen en waarom ze het onmogelijk maken om God te zien.

Klopt de eerste bril? Bestaan er inderdaad geen absolute waarheden? Kun je nooit weten of je de juiste god dient? Kun je niets te weten komen over het bovennatuurlijke?

De gedachte dat er geen absolute waarheden bestaan (relativisme) en dat we het goddelijke niet kunnen leren kennen, stamt uit het Oosterse denken; zoals het Hindoeïsme. Het Hindoeïsme gaat er zelfs vanuit dat onze zintuigen niet erg betrouwbaar zijn. Met onze zintuigen kunnen we geen betrouwbaar beeld vormen van onze zichtbare werkelijkheid; laat staan van de onzichtbare werkelijkheid[1].

Binnen het Hindoeïsme bestaan geen objectieve waarheden; alleen subjectieve waarheden. Iedereen mag de werkelijkheid beleven op zijn eigen manier. Iedereen mag zijn eigen waarheid koesteren[2]. Iedereen mag een of meer goden dienen van de meer dan een miljoen goden.

De wetenschap gaat ervan uit dat we wel op onze zintuigen kunnen vertrouwen. Zintuigelijke waarnemingen zijn heel belangrijk om een betrouwbaar beeld te vormen van onze werkelijkheid. Zo hebben wetenschappers veel absolute waarheden ontdekt; natuurwetten die altijd en overal gelden. Denk bijvoorbeeld aan de wet van de zwaartekracht van Isaac Newton.

Je hoeft maar één natuurwet aan te dragen om te laten zien dat absolute waarheden wel bestaan. Er bestaan heel veel absolute waarheden in de vorm van natuurwetten. Bovendien is de stelling ‘absolute waarheden bestaan niet’ ook nog met zichzelf in strijd. De stelling zelf is een absolute waarheid, maar ontkent dat absolute waarheden bestaan.

Kun je niets te weten komen over het bovennatuurlijke? De brillen die naar verschillende aspecten van onze natuur kijken, laten al behoorlijk wat sporen van het bovennatuurlijke zien:

  • De geboorte van een kind verraadt een Bron van leven en liefde (de overweldigende bril).
  • De gerobotiseerde, geautomatiseerde cel wijst op een grote Fabrikant (de fabrieksbril).
  • De groei van levende wezens uit één cel toont een grote Bioloog (de bouwbril).
  • Het DNA-programmeerwerk getuigt van een ongekende programmeur (de programmeerbril).
  • De efficiënte motoren in ‘eenvoudige levensvormen’ vereist een enorme Technicus (de motorbril).
  • De rijke variatie in het dierenrijk en de doelgericht ontworpen levensvormen verraden een geniale en creatieve Bioloog (de dierenbril).
  • De natuurlijke werkelijkheid wijst naar een bovennatuurlijke Oorzaak (de oorzaaksbril).
  • De natuurwetten die onze natuur ordenen veronderstellen een Wetgever (de wetgeversbril).
  • Het geheel van natuurlijke kringlopen die de primaire levensbehoeften blijven aanvoeren, duiden op een Verzorger (de kringloopbril).
  • De precieze afstelling van ons heelal veronderstelt een doelgericht ontwerper (de vuurwerkbril).
  • Voor het ontstaan van leven is een geniale schepper nodig (de revolutiebril).
  • Alle vernuftige systemen in mijn lichaam weerspiegelen mijn Maker (de spiegelbril).

Is het waar dat je niet te weten kunt komen of je de juiste god dient? Het Hindoeïsme gaat daarvan uit. Maar als een religie talloze tegenstrijdige beelden van de bovennatuurlijke werkelijkheid schetst met miljoenen goden, kan die religie niet waar zijn. Wie op zoek gaat naar de bovennatuurlijke werkelijkheid, heeft niets aan een verzameling beelden waarvan niemand weet of ze waar zijn of niet.

De bewering dat je het bovennatuurlijke niet kunt kennen, weerhoudt mensen alleen maar van de zoektocht naar de bovennatuurlijke werkelijkheid.

Als je de bril van het relativisme opzet, belemmeren de oogkleppen voor waarheid het zicht op de werkelijkheid.

Wat klopt er van de tweede bril die afgezet moest worden? Is het waar dat wonderen niet bestaan? Dat is geen feit, maar een vooroordeel. Net als het vooroordeel dat er alleen maar materie bestaat. Als je ervan uitgaat dat het bovennatuurlijke niet bestaat, dan ligt het voor de hand om ook niet in wonderen te geloven, want dat zijn bovennatuurlijke verschijnselen.

Omgekeerd geldt dat ook. Als het mogelijk is dat het bovennatuurlijke bestaat, dan is het ook mogelijk dat er bovennatuurlijke verschijnselen – wonderen – bestaan. Als de schepper ervoor zorgt dat onze werkelijkheid naar zijn natuurwetten luistert, kan hij daar natuurlijk ook uitzonderingen op maken.

Zou de maker van onze ogen, niemand kunnen genezen van zijn blindheid?
Zou de maker van het leven – die het leven laat groeien uit één enkele cel – doden niet meer levend kunnen maken?

De derde bril die sommige mensen moesten afzetten, was de veronderstelling dat oude verhalen achterhaald zijn en slecht overgeleverd zijn. Nu hoeven oude verhalen niet altijd achterhaald te zijn. Wie zijn geschiedenis niet kent, is gedoemd om die te herhalen. Filosofen moeten bijvoorbeeld nog altijd leren wat Plato onderwees.

Voor een derde van de wereldbevolking is de Bijbel na tweeduizend jaar nog steeds het mooiste boek. Geen boek heeft zoveel positieve invloed uitgeoefend op de mensheid dan de blijde boodschap van Gods liefde, van zijn koninkrijk dat komt en van Jezus die onze straf in onze plaats droeg. Na tweeduizend jaar vervult het nog altijd talloze mensen met liefde en hoop.

Oude verhalen hoeven niet altijd slecht overgeleverd te zijn. De meeste Bijbelboeken zijn opgeschreven door ooggetuigen. Door de vondst van talloze kopieën van Bijbelboeken en fragmenten uit verschillende tijden en plaatsen, kunnen we constateren of er verschillen in overlevering zijn.

Van de kopieerfouten kunnen we precies bepalen wanneer en waar ze gemaakt zijn. Zo is de oorspronkelijke tekst van de Bijbelboeken heel nauwkeurig te achterhalen[3]. Terwijl van de meeste boeken uit de oudheid slechts enkele exemplaren overgeleverd zijn, hebben we van de Bijbel een veelheid aan oude kopieën uit verschillende streken.

De Bijbel is 2000 jaar oud, maar nog steeds het populairste boek.
Weinig boeken zijn zo betrouwbaar overgeleverd als de Bijbel.

Ik vroeg je drie brillen af te zetten, omdat die het zicht op God belemmeren:

  • de bril dat er geen absolute waarheden bestaan (de relativistische bril);
  • de bril dat er geen wonderen bestaan;
  • de bril dat oude verhalen achterhaald en slecht overgeleverd zijn.

Deze drie brillen bleken vooroordelen te zijn, die niet hard te maken zijn. Veel mensen lopen met een of meer van deze brillen op de neus rond, zonder dat ze dat zelf in de gaten hebben. Daardoor kunnen ze God niet zien.

Wie God wil zien, moet soms vooroordelen loslaten.

Laten we nu de brillen inspecteren van de ooggetuigen die God in hun eigen leven hebben leren kennen.

[1] https://www.hinduwebsite.com/senses.asp.

[2] https://www.hinduwebsite.com/hinduism/essays/whatistruth.asp.

[3] B.M. Metzger, A Textual Commentary on the Greek New Testament.